nunc –adv. (num en -ce)

1. (v. tijd) (a) nu,tegenwoordig, bij de overgang naar iets nieuws.

Ontwerpen met de kwaliteit en kennis van nu. Vanuit de ondergrond van het verleden, bouwen aan een gebouw dat staat in de toekomst.

 

Deze pagina is inmiddels vernieuwd, klik hieronder om naar de nieuwe homepage te gaan.